Rozemarijn heeft een verrassende nieuwe botanische naam
Als je al jaren rozemarijn in je tuin hebt staan, ken je hem misschien nog onder zijn oude Latijnse naam: Rosmarinus officinalis. Maar in 2017 heeft de wetenschappelijke wereld deze vertrouwde plant officieel een nieuwe naam gegeven: Salvia rosmarinus. Ja, rozemarijn is botanisch gezien een salie! DNA-onderzoek wees uit dat rozemarijn zo nauw verwant is aan de salie (Salvia) dat hij volledig in dat geslacht is opgenomen. Voor ons als tuiniers verandert er natuurlijk niets aan die heerlijke geur of het robuuste karakter van de plant — maar het is wel handig om de correcte naam te kennen als je op zoek gaat bij een gespecialiseerde kwekerij of botanische tuin. De naam Rosmarinus officinalis wordt in de praktijk nog veel gebruikt en is dus zeker niet onbekend, maar Salvia rosmarinus is de geldige, wetenschappelijke benaming van vandaag de dag.
Van Rosmarinus naar Salvia: wat betekent die naam eigenlijk?
De oorspronkelijke naam Rosmarinus komt uit het Latijn en betekent letterlijk “dauw van de zee” — ros (dauw) en marinus (zee). Dat verwijst naar de natuurlijke groeiplaats van de plant: de rotsachtige, zoute kusten van de Middellandse Zee. Rozemarijn groeit van nature in Zuid-Europa, Noord-Afrika en Klein-Azië, op arme, droge, kalkhoudende bodems. Dat verklaart direct zijn groeivoorkeuren in onze Nederlandse tuinen.
De nieuwe naam Salvia rosmarinus combineert het salie-geslacht met een herinnering aan de oude naam. Binnen het geslacht Salvia telt men wereldwijd meer dan 900 soorten — rozemarijn is daar nu officieel een van.
Qua familieverbanden behoort rozemarijn tot de Lamiaceae, de lipbloemenfamilie. Dat zijn dezelfde plantenfamilie als munt, tijm, lavendel en oregano. Je herkent de familie aan de vierkante stengels, de tweelippige bloemetjes en de aromatische etherische oliën. Dit is trouwens ook de reden dat rozemarijn zo goed combineert met tijm en lavendel in een mediterraan kruidenbed — ze stellen allemaal vergelijkbare eisen aan bodem en standplaats.
In Nederlandse tuincentra en bij gespecialiseerde vaste-plantenkwekers vind je rozemarijn tegenwoordig soms onder beide namen aangeboden. Wees dus niet verbaasd als het labeltje Rosmarinus officinalis vermeldt — de plant is hetzelfde. Vraag bij twijfel altijd even na bij de medewerker; een goede kwekerij weet precies wat ze verkoopt.
Rozemarijn in de Nederlandse tuin: standplaats, bodem en varianten
Nu je de botanische achtergrond kent, is het handig om te weten hoe je Salvia rosmarinus het beste in onze Nederlandse omstandigheden plaatst. Rozemarijn gedijt het beste op een zonnige, goed gedraineerde plek. In Nederland, waar onze klei- en veengronden van nature vochtig zijn, is dit cruciaal: rozemarijn verdraagt absoluut geen natte voeten in de winter. Plant hem bij voorkeur in een licht hellend border of verbeter de grond met grof zand en wat grind.
Een veelgemaakte fout is rozemarijn in rijke, vruchtbare tuingrond planten. Hoe magerder de bodem, hoe aromatischer de plant! Voeg dus geen extra compost toe — een lichte, kalkhoudende grond met een pH van 6 tot 8 is ideaal.
Er zijn prachtige varianten beschikbaar:
- ‘Arp’ — een van de hardste varianten, verdraagt temperaturen tot -15°C
- ‘Prostratus’ — kruipende vorm, mooi als bodembedekker op een zonnige helling
- ‘Miss Jessopp’s Upright’ — stijf opgaand, tot 150 cm hoog, klassieke struikvorm
- ‘Majorca Pink’ — roze bloemen, iets minder winterhard
In een harde Nederlandse winter (onder -10°C) is het verstandig om de wat minder winterharde varianten te beschermen met vliesdoek of te overwinteren in een koele serre of garage.
Praktische hovenierstips voor rozemarijn
- Botanische naam: Salvia rosmarinus (synoniem: Rosmarinus officinalis), familie Lamiaceae
- Standplaats: volle zon, minimaal 6 uur daglicht per dag
- Bodem: mager, doorlatend, bij voorkeur kalkrijk — meng kleigrond met 30–40% grof zand
- Snoeien: direct na de bloei in mei–juni licht snoeien; nooit in het oude hout snijden
- Water: droogtebestendig, nauwelijks gieten nodig na aanslaan
- Vermeerderen: stekken in juni–augustus van halfrijp hout — slaagt makkelijk
- Winterhardheid: zone 7–8; bescherm in strenge winters met vliesdoek
Veelgestelde vragen over rozemarijn
Wat is de officiële botanische naam van rozemarijn?
De officiële botanische naam van rozemarijn is tegenwoordig Salvia rosmarinus. Tot 2017 heette de plant Rosmarinus officinalis, maar op basis van DNA-onderzoek is hij ingedeeld bij het genus Salvia. Beide namen zijn in de praktijk nog in omloop, maar Salvia rosmarinus is de wetenschappelijk geldige naam.
Tot welke plantenfamilie behoort rozemarijn?
Rozemarijn behoort tot de familie Lamiaceae, ook wel de lipbloemenfamilie of lamiatenfamilie genoemd. Dit is dezelfde familie als tijm, salie, lavendel, munt en oregano. Kenmerkend zijn de vierkante stengels, de tweelippige bloemen en de aromatische etherische oliën in de bladeren.
Is rozemarijn winterhard genoeg voor de Nederlandse tuin?
De meeste rozemarijnsorten zijn redelijk winterhard en verdragen temperaturen tot circa -10 à -12°C. In een gemiddelde Nederlandse winter overleeft een goed geplaatste rozemarijn prima, mits de bodem goed doorlatend is en de plant niet in een vorstgat staat. Bij extreme vorst is het verstandig om de plant met vliesdoek te beschermen; de extra winterharde cultivar ‘Arp’ is een goede keuze voor rauwe, winderige plekken.
Informatie bijgewerkt in april 2026.










