De kerstster snoeien: zo krijg je hem volgend jaar weer volop in bloei
De kerstster is dé plant van de feestdagen — met haar vuurrode schutbladeren siert ze in december menig vensterbank en eettafel. Maar wat doe je erna? Veel mensen gooien de plant weg zodra de bloei voorbij is, terwijl je met de juiste aanpak de kerstster probleemloos een tweede en zelfs derde bloeiseizoen kunt geven. Het antwoord op de vraag of je moet snoeien is volmondig ja — sterker nog, snoeien is dé sleutel tot een compacte, gezonde plant met veel nieuwe kleur. In dit artikel leg ik je stap voor stap uit wanneer en hoe je de kerstster snoeit, hoe je hem de zomer doorhelpt en wat je moet doen om hem in november opnieuw tot bloei te brengen. Met wat geduld en de juiste aanpak heb je elk jaar weer een prachtige plant op tafel.
Wanneer en hoe snoei je de kerstster na de bloei?
De beste periode om de kerstster terug te snoeien is februari of maart, zodra de schutbladeren verbleken en afvallen. Wacht niet te lang — een uitgebloeide plant die te lang blijft staan, verspilt energie aan het in stand houden van slappe stengels en verouderd blad.
Snoei de stengels terug tot ongeveer 10 à 15 centimeter boven de pot. Gebruik altijd een schoon, scherp snoeimes of -schaar — een botte snede beschadigt het weefsel en vergroot de kans op schimmelinfectie. De kerstster lekt na het snoeien een witte melksap (latex); dit is normaal maar irriterend voor huid en ogen, dus draag handschoenen.
Na het snoeien zet je de plant op een lichte plek zonder direct zonlicht, bij een temperatuur tussen de 15 en 18 graden Celsius. Dit is ook typisch het moment om te verpotten: gebruik een iets grotere pot met goed doorlatende potgrond, bijvoorbeeld een mengsel van universele potgrond met 20% perliet. Zorg dat de pot een goede drainagegat heeft — de kerstster heeft een grondige hekel aan natte voeten.
In april en mei begint de plant opnieuw uit te lopen met frisse groene blaadjes. Geef je plant dan elke twee weken een vloeibare bladplantenmest (stikstofrijk) om de groei te stimuleren. In juni mag de kerstster — als de nachten boven de 12 graden blijven — tijdelijk naar buiten op een beschutte, halfschaduwrijke plek in de tuin. Nederlandse zomers zijn hiervoor prima geschikt, al moet je de plant bij dreiging van kou altijd snel naar binnen halen.
In augustus knip je de langste scheuten eventueel nogmaals in — maximaal 5 centimeter — om een compactere, vertakkende plant te stimuleren. Dit geeft meer bloeipunten in december.
Korte dag behandeling: de truc voor rode schutbladeren
Hier gaat het bij veel tuinliefhebbers mis. De kerstster kleurt alleen als ze minimaal acht weken lang minder dan twaalf uur licht per dag krijgt. In de natuur gebeurt dit vanzelf in de herfst, maar binnenshuis kun je de plant zelf sturen.
Vanaf begin oktober zet je de kerstster elke avond om 17.00 uur in een volledig donkere ruimte — een kast, doos of donkere kamer — en haal je haar pas de volgende ochtend om 8.00 uur terug op een lichte plek. Zelfs een klein lampje of straatlantaarn die door de gordijnen schijnt is genoeg om de bloei te verstoren. Dit klinkt omslachtig, maar na acht tot tien weken zul je zien dat de schutbladeren beginnen te kleuren — net op tijd voor de feestdagen.
Een veelgemaakte fout is de behandeling te vroeg stoppen. Volhouden tot midden november is essentieel. Zodra de kleur eenmaal volledig ontwikkeld is, kan de plant gewoon in de woonkamer blijven staan.
Praktische hovenierstips voor de kerstster
- Snoei in februari-maart terug tot 10-15 cm; gebruik schone, scherpe snoeischaar en draag handschoenen vanwege het melksap.
- Verpot direct na het snoeien in goed doorlatende potgrond met perliet.
- Geef elke twee weken vloeibare bladplantenmest van april tot september.
- Buiten plaatsen mag alleen als de nachttemperatuur boven de 12°C blijft (doorgaans juni-augustus in Nederland).
- Start de kortedagbehandeling strikt op 1 oktober: 12 uur donker, 12 uur licht — elke dag, gedurende 8-10 weken.
- Vermijd tocht, radiatoren en koude vensterbanken — de kerstster houdt van stabiele temperaturen rond 18-20°C.
Veelgestelde vragen over de kerstster
Hoe ver moet ik de kerstster terugsnoeien na de bloei?
Snoei de stengels terug tot ongeveer 10 à 15 centimeter boven de potrand. Dit stimuleert de plant om meerdere nieuwe scheuten te vormen, wat zorgt voor een compactere groei en meer bloeipunten later in het jaar. Snoei niet verder terug dan de houtige basis, want dan herstel de plant moeilijker.
Kan ik de kerstster ook buiten zetten in de zomer?
Ja, dat kan zeker — en de plant profiteert ervan. Zet haar op een beschutte, halfschaduwrijke plek zodra de nachten in Nederland boven de 12 graden blijven, meestal vanaf juni. Haal de plant altijd naar binnen bij koud weer of regen, want de kerstster is absoluut niet winterhard en verdraagt geen vorst of langdurige kou.
Waarom kleurt mijn kerstster niet rood, ook al heb ik haar gesnoeid?
De rode kleur wordt niet veroorzaakt door snoeien, maar door de kortedagbehandeling: de plant heeft minstens acht weken lang twaalf uur ononderbroken duisternis per dag nodig. Start deze behandeling op 1 oktober en controleer of er geen enkele lichtbron de donkere periode verstoort — zelfs een klein nachtlampje is al genoeg om de bloei te remmen.
Informatie bijgewerkt in april 2026.










